Blauw Wit 5 – Oosterkwartier 2

Afgelopen zondag stond voor het tweede de uitwedstrijd bij Blauw Wit op het programma. Het is wat vroeg in het seizoen om te spreken van een do or die wedstrijd, maar in ieder geval zou na zondag iets meer duidelijk worden over de kansen en verhoudingen in de poule. Zou het tweede in staat zijn bovenin aan te haken of lag er een kansloze strijd in de onderste regionen in het verschiet.

 

Een licht gehavend, maar toch representatief tweede (dank aan alle invallers) was dan ook op en top gemotiveerd om er een mooi potje van te maken. Op voorhand was er toch ook veel respect voor de tegenstander, het vijfde van de Amsterdammers is traditioneel het afvoerputje voor gewezen eerste-spelers en de Haarlemmers waren derhalve beducht voor de overvloed aan ervaring bij de tegenstanders.

 

De coach deed een poging om dit wat te relativeren door te stellen dat het nogal afhangt van hoeveel jaar geleden het was dat iemand daadwerkelijk nog in het eerste speelde, als het 1930 was zou dat toch maar weinig problemen moeten opleveren. Ook legde ze de nadruk op dynamiek in het spel houden. Ervaren spelers hebben over het algemeen een hekel aan (te) veel rennen. Toch Faab?

 

Onder een heerlijk nazomerzonnetje dat meer deed denken aan midzomer, ging de wedstrijd van start. Al gauw bleek dat beide ploegen de nodige moeite hadden om tot scoren te komen. Blauw Wit trachtte op sommige posities een gebrek aan fitheid te compenseren door het fysieke spel niet te schuwen, en Oosterkwartier had veel moeite om het eigen snellere spel te spelen en ging vooral mee met de tegenstander. Daarbij was het rendement ook nog eens laag, als er wel een goede aanval kwam werd de kans toch te vaak gemist. Hierdoor was het eigenlijk allemaal niet zo sprankelend wat er op de blauwe kunstgrasmat tentoon werd gespreid.

 

Het in grote getale opgekomen publiek (waarvoor hulde!) werd dus helaas getrakteerd op een karige kraker. Gelukkig bleven de gasten wel aan de goede kant van de score en werd met een 5-6 tussenstand de rust bereikt.

 

De speech van de coach was eigenlijk wel voordehand liggend, want natuurlijk werd weer aandacht besteed aan meer beweging, sneller spelen, direct de rebound neerzetten. Eigenlijk alles waar voor de wedstrijd ook al op was gewezen, maar ergens in de uitvoering liet het nog wel te wensen over in de eerste helft.

 

Gedurende de tweede helft eigenlijk hetzelfde beeld, ondanks pogingen van de technische staf om iets te doen aan het feit dat het tweede veel moeite had een goede rebound neer te zetten. De wissels leken op het oog overigens het spel wel echt te verbeteren, in de score kwam dat maar mondjesmaat tot uitdrukking. Zoals meestal zat het verdedigend allemaal wél goed in elkaar, dus de zondag voor de verandering grijs-zwarte brigade bleef aan de goede kant van de score.

 

Uiteindelijk floot de prima scheidsrechter bij een 8-10 stand voor het einde van de wedstrijd. Blij met de zon, blij met de 2 punten en blij met de verbeterkansen, dus het biertje na afloop smaakte toch weer prima. Op naar volgende week, in Leiden tegen Pernix. Weer een wedstrijd die gewonnen dient te worden om te blijven aanhaken. Een uitgelezen kans om deze keer het eigen spel wel aan de tegenstander op te leggen. Als dat wekelijks lukt, zou het tweede best eens kunnen gaan strijden om de prijzen in de lente.

 

 

Paultje

Bladwijzer de permalink.

Reacties zijn gesloten.